De vrees dat nieuwe technologieën de onderhoudsvakman overbodig maakt is ongegrond. In de toekomst zullen taken van de onderhoudsmonteur worden geautomatiseerd. Er zal tegelijkertijd een groter beroep worden gedaan op het vakmanschap en probleemoplossend vermogen van de monteur. Technologie zal de monteur niet vervangen maar ondersteunen.

McKinsey deed in 2017 een groot wereldwijd onderzoek naar het effect van technologie op de arbeidsmarkt. In het rapport A future that works’, wordt geconcludeerd dat de helft van al het werk dat nu nog door mensen wordt gedaan rond 2055 door robots kan zijn overgenomen. Volgens McKinsey gaan er niet per se banen verloren. Slechts 5 % van alle banen kan volledig worden geautomatiseerd. In elke baan zullen taken verdwijnen. Tegenover de verdwijnende taken zullen echter ook nieuwe taken staan. Dit zal zorgen voor nieuwe uitdagingen.  Monteurs moeten bij blijven leren om ervoor te zorgen dat zij de nieuwe taken op zich kunnen nemen.

In de industrie biedt automatisering een oplossing voor het tekort aan vakmensen. Grote bedrijven staan voor de uitdaging om hun belangrijke assets continu te monitoren. De kans dat er iets kapot gaat is klein, maar als het gebeurt zijn de gevolgen groot. Het is niet mogelijk om dit altijd door een monteur te laten monitoren. Hier kan techniek de vakman ondersteunen: computers zijn heel goed in het 24/7 verwerken van gegevens en het ontdekken van patronen.

Nuances aanbrengen

Terwijl de computer tot op een hoog niveau de data analyseert en soms ook automatiseert, is deze niet in staat om nuances  aan te brengen. Dit is het domein van de monteur. De computer kan een bepaald risico van falen aangeven; de eerste week is het risico op falen 15% en de tweede week is dat 40% enzovoorts. Er spelen echter meer factoren mee bij de beslissing om een machine te vervangen. Het is aan de maintenance manager of de productieleider om op basis van zijn kennis en ervaring dit risico af te wegen tegen andere bedrijfsmatige factoren.  

Als er bijvoorbeeld net een grote order binnenkomt, kan besloten worden nog even door te draaien. Andersom kan ook besloten worden alvast onderhoud uit te voeren in een rustige periode waarin het risico op storingen nog laag is. Zo kan een schaatsenfabrikant er voor kiezen in de lente alvast onderhoud uit te voeren zodat hij de zomer zijn schaatsen kan maken. De schaatsen kunnen dan de komende winter in de winkel liggen. Het patroon is duidelijk: De maintenance manager moet nog steeds de keuze maken, maar kan nu een beter ingelichte keuze maken.

Ontwikkelingen kunstmatige intelligentie

Hoewel de technologische ontwikkelingen snel gaan zal het toch nog een aantal jaren duren voordat de computer zelfstandig kan beslissen over het wel of niet uitvoeren van onderhoud.

Op dit moment nemen steeds meer bedrijven de stap naar een conditiemonitoringsysteem. Deze systemen filteren alle data over de gezondheid van assets en inventariseren de risico’s waar de maintenance manager op moet letten. Een stap verder is het invoeren van decision support of asset decision systemen. Deze systemen maken bij storing van een pomp automatisch de koppeling naar het planningssysteem om orders in te zien. Op basis van rekenregels, waarbij gekeken wordt naar de risico’s, kan dan worden geadviseerd om wel of niet door te gaan met produceren. De verwachting is dat deze systemen binnen nu en vijf jaar beschikbaar zijn.

Deze decision supportsystemen zullen in de toekomst in staat zijn een compleet onderhoudsvoorstel te doen waarbij rekening wordt gehouden met planning, levertijd van componenten, beschikbaarheid van mensen en de benodigde vergunningen.  Als de maintenance manager instemt met het voorstel wordt alles in werking gezet. Als dit heel vaak goed gaat en elke keer blijkt dat het voorstel van het systeem goed is kan hij zeggen: ‘Ik hoef het niet meer voorgelegd te krijgen, het kan automatisch uitgevoerd worden’.  

Oplossingen bedenken is mensenwerk

De technologie is er klaar voor, maar het moet nog geïmplementeerd worden en het moet zich nog bewijzen. De verwachting is dat er binnen nu en tien jaar steeds meer onderhoud automatisch wordt gepland. Het werk van de onderhoudsmonteur zal veranderen, maar het onderhoud moet nog steeds worden uitgevoerd. De monteur krijgt meer tijd om analyses te maken om tot structurele verbeteringen te komen. Het bedenken van oplossingen is nog steeds mensenwerk.

Tot die conclusie kwam ook technologie-goeroe Elon Musk. Terwijl hij in 2017 nog hoog opgaf over de nieuwe productielijn voor de Tesla Model 3 die bijna volledig uit robots bestond, moest hij in 2018 erkennen dat de productievolumes niet werden gehaald omdat het systeem te ingewikkeld was. De robots werden vervangen door mensen. In een tweet gaf Musk zijn vergissing toe: ‘Yes, excessive automation at Tesla was a mistake. To be precise, my mistake. Humans are underrated’.

Meer weten over hoe monteur en sensor elkaar kunnen aanvullen om betrouwbaarheid en beschikbaarheid te verhogen? Bekijk onze oplossing, volg ons op LinkedIn of plan een belafspraak.